Oktober 2016 -Januari 2017
Kings County Hospital

Artist in residence, Beautiful Distress, New York, USA

PAST
April 2016
Discovery Award 2016

‘Blue Hour’ got shortlisted for the LOOP Discovery Award.

29 November 2015 - 24 Januari 2016
Blue Hour

Bradwolff projects, Amsterdam, NL

'Blue Hour' is a collaboration with Merel Karhof

25th of April 2015
award

'Play within a play' has won the 'Honorable Mention Award' in the Experimental Short Competition at Nashville Film Festival (USA)

16 - 25 April 2015
Nashville Film Festival

Nashville, USA

'Play within a play'

21 - 30 December 2014
Donna E Liberta

Associazionne Culturale, Rome, IT

'Eye'

11 - 16 november 2014
Braunschweig International Film Festival

Braunschweig, DE

'Play within a play'

2 november 2014
Museumnacht - CineSonic

EYE, Amsterdam, NL

14 oktober 2014
uitkijk goes short

De UItkijk, Amsterdam, NL

17 July 2014
FEMINA

nternational Women's Film Festival, Rio de Janeiro, Brazil

'Play within a play'

29 March - 27 April 2014
Inner space/Outer space

Sign, Groningen, NL

'Inner Space/Outer Space'
Part of tour BNG Workspace project award 2012

11 February 2014
Best of the Fest: korte films van het International Film Festival Rotterdam

EYE, Amsterdam, NL

25 January 2014
Filmfestival rotterdam

Shorts 2014, Filmfestival Rotterdam, NL

22 September - 17 November 2013
KadS 2013

'Inner Space/Outer Space'
Part of tour BNG Workspace project award 2012

17 August 2013
HELD FESTIVAL
27 July 2013
WINNER OF SCREENGRAB NEW MEDIA ARTS AWARD
27 July - 14 August 2013
SCREENGRAB NEW MEDIA ART EXHIBITION

School of Creative Art’s eMerge Gallery, Australia

'Vessel'
Collaboration with Jasper van den Brink

15 February 2013 - 7 April 2013
14th VIDEONALE

Premiere video installation 'Vessel'. 'Vessel' is a collaboration with video artist Jasper van den Brink

2 December 2012 - 20 June 2013
PEOPLE CAN ONLY DEAL WITH FANTASY WHEN THEY ARE READY FOR IT. THE PAVILJOENS 2001-2012

Museum de Paviljoens, Almere

'Eye'

Vessel : De magie van de dingen
Anne Berk

De hoofdrol in ‘Vessel’ is weggelegd voor een schip. In deze twintig durende loop-film, het eerste samenwerkingsproject van Yasmijn Karhof (NL) en Jasper van den Brink (NL), wordt niet gesproken. De zeggingskracht schuilt in de zinnelijke beelden, die zijn opgenomen vanuit verschillende standpunten en op drie schermen worden geprojecteerd. Soms kijk je vanuit het perspectief van het schip, alsof het schip een wezen is. ‘Vessel’ speelt met de verbeelding en onderzoekt onze complexe relatie met de dingen.

Synopsis
De openingsbeelden van het golvende water en de schommelende horizon lopen vooruit op de zeereis. Dan schakelt de film over op een jonge man in een idyllisch landschap. Een harde plof trekt zijn aandacht. Er valt een sinaasappel naar beneden. Zonder zich te bedenken gaat hij er achteraan, holder de bolder de berg af, tot de oranje vrucht een meer stabiele koers volgt over het dek van een schip.
De jonge man is niet toevallig een onderzoeker. Hij kijkt aandachtig om zich heen en je volgt zijn blik. Je identificeert je met hem. Het schip doorklieft de golven, maar de stuurmanshut is verlaten. De lege gangen lijken je op te slokken. In het varend laboratorium zie je krioelende organismen door de lens van een microscoop. Tegelijkertijd word je gezien, hoog vanuit de lucht, een standpunt dat het schip reduceert tot een dobberend speelgoedbootje en maakt dat je je nietig voelt.
Als de man zijn oor te luisteren legt tegen de buik van het schip, hoor je het omfloerste gedreun van de motoren in haar ingewanden, die haar voortstuwen over de golven. De ronddraaiende radar buiten lijkt een alziend oog, dat de omgeving afspeurt op zoek naar orientatiepunten. Maar er is niemand om de navigatiegegevens te interpreteren.  
De loop-film leidt niet tot een ontknoping, maar leidt je via de schillen van de sinaasappel weer terug naar het begin. De kijker blijft vol vragen achter. Wat drijft dit raadselachtige schip? Is het een spookschip, net als de ‘Vliegende Hollander’ (1843) uit Wagner’s opera?  


In See, in See!
In See für ew'ge Zeiten!

Ik zal vaeren, al is het tot in den eeuwigheid…!


Kaleidoscopisch beeld
‘Vessel’ is een wonderlijke mengeling van fantasie en werkelijkheid. Enerzijds wordt met behulp van de drie projectieschermen een realistische, haast lijfelijke ervaring gecreëerd. De filmopnames vanaf het dek resulteren in een deinende horizon, die zo schommelt, dat je er haast zeeziek van wordt.
Anderzijds zit de film vol tegenstrijdigheden. De drie projecties tonen soms hetzelfde onderwerp- zoals de rennende man in het bos -vanaf verschillende standpunten. De montage wringt. Op het ene scherm komt de man naar je toe. Op het andere zie je hem op de rug , terwijl hij van je wegloopt. Wil het kunstenaarsduo hiermee recht doen aan onze subjectieve, dynamische beleving van de driedimensionale werkelijkheid?
We bewegen ons voort. We draaien voortdurend ons hoofd. We nemen de wereld waar vanuit verschillende standpunten, als een optelsom van vluchtige indrukken. Een eeuw geleden cirkelden de kubisten om hun onderwerp heen, en brachten hun impressies van de tastbare wereld tot een synthese op het platte vlak. In ‘Vessel’ zie je hetzelfde streven, maar dan uitgewerkt op meerdere schermen.

Bezielde objecten?
‘Vessel’ is echter méér dan het kaleidocopische beeld van een ruimtelijk object. In de film zie je hoe op sommige momenten het standpunt verschuift van de man naar het schip zelf. Bijvoorbeeld als de camera aan een ronddraaiende katrol of radar is bevestigd. Je wordt meegesleurd in een draaikolk van beelden. Opeens zie je wat het schip ziet, en dat is een verrassend perspectief.
Jasper van den Brink experimenteerde al eerder met het monteren van draadloze camera’s in bewegende objecten, bijvoorbeeld in de wiek van een windmolen (‘Windmill’, 1996) de trapper van een fiets, dobber of fles (‘Autocam’, 2000 met Harco Haagsma). In ‘Bouncing Balls’ ( 2005) liggen ballen verspreid op een ophaalbrug en als die omhoog wordt geklapt, storten ze zich als een kleurrijke waterval naar beneden. Je wordt vrolijk van hun gestuiter.
Van den Brink laat je kijken door de ogen van het ding en dat heeft iets magisch. Net zo magisch als de alledaagse voorwerpen die Yasmijn Karhof in haar films met een simpele ingreep tot leven wekt. Twee benen onder een laken worden bergen. Met een ademtocht verandert ze een hoopje suiker in een rokende vulkaan (‘Sugar’, 2005-6). Of ze ontmaskert de eenzame maan in de nacht als de reflectie van een lamp in een kop koffie (‘Play within play’ 2012). Niets is wat het lijkt. Levenloze objecten veranderen in sterrenstelsels. Kunst laat je dromen.

‘Jij hebt de dingen niet nodig om te kunnen zien
De dingen hebben jou nodig om gezien te kunnen worden.’
[i]

dichtte K. Schippers met een knipoog naar Kant. Wij kunnen het ‘Ding an sich’ niet objectief kennen, want onze waarneming is per definitie subjectief, gebonden aan onze fysieke eigenschappen, aldus de filosoof. Maar stel nu dat het ding naar jou kijkt? Dat het ding een wezen is, zoals in ‘Vessel’ wordt gesuggereerd? Een spookschip, net als ‘De Vliegende Hollander’ (1843) uit de opera van Wagner [ii]?  Het motief van het spookschip is heel oud en kent veel varianten. De sage werd gevoed door het waar gebeurde verhaal van de Fries Barend Fockesz, die in 1678 in een recordtempo om de Kaap de Goede Hoop heen voer. Hij volbracht de reis in drie maanden, in plaats van de gebruikelijke zes en had steeds de wind in de zeilen. Het kon niet anders, of Fockesz had een pakt met de duivel gesloten. Als straf voor zijn goddeloze ambitie werd hij gedoemd om eeuwig rond te varen.
Tot ver in de 19de eeuw waren er zeelieden die beweerden dat ze ‘De Vliegende Hollander’ hadden gezien, met de geest van de kapitein aan het roer. Maar dat kun je natuurlijk niet serieus nemen. ‘De Vliegende Hollander’ is een sprookje. Wie gelooft er nou nog dat fysieke voorwerpen bezield zijn? Geesten bestaan niet. In onze geseculariseerde wereld is een ding is een ding. Een levenloos voorwerp. Of niet soms?

De macht van de dingen
Mensen hebben altijd dingen gemaakt om beter te kunnen overleven. Apen gebruiken stokken om een banaan te bemachtigen, maar mensen lieten het daar niet bij. Ze bewerkten materialen tot handige hulpmiddelen waarmee ze beter in hun behoefte konden voorzien, van stenen vuistbijlen, aardewerken kommen, tot huizen, auto’s en computers. Inmiddels is het aantal artefacten zo toegenomen, dat ze een geheel nieuwe biotoop vormen, de stadsjungle, waarin wij moeten zien overleven. Technische apparaten scheppen nieuwe mogelijkheden èn  dicteren ons gedrag. Zijn wij nog heer en meester over de dingen? Of bepalen de dingen ons leven?
Schrijvers, kunstenaars en wetenschappers houden onze complexe relatie met de dingen tegen het licht. Zo beschreef Georges Perec in 1978 het leven in Parijs aan de hand van de voorwerpen in een appartementencomplex, met de veelzeggende titel ‘Het leven een gebruiksaanwijzing’. In de zestiger jaren bracht Tinguely (1925-1991) zijn nutteloze machines tot leven. Olaf Mooij verandert auto’s in wezens met een eigen levensloop. In 1992 trouwde kunstenaar Yvonne Dröge Wendel [iii] met een kast. Twee jaar later reed ze naar Rome om haar Reanult 16 TL door de Paus te laten zegenen (‘La Benedizione della Macchina’, Prix de Rome 1994).
In onze technologische samenleving krijgen ook wetenschappers steeds meer oog voor de invloed van dingen, zoals in de Actor Network Theory [iv] van Bruno Latour e.a. , waarin mensen en dingen als gelijkwaardig worden gezien. Beiden spelen een actieve rol in maatschappelijke processen. Veel gebruiksvoorwerpen zijn een verlengstuk van ons lichaam. Ze vergroten onze mogelijkheden en ons bereik, maar ze maken ons ook afhankelijk. We kunnen niet zonder hen, en hebben een emotionele relatie met het object. Opeens is het niet zo gek om je voor te stellen dat een schip ook een wezen is. Is dat waar ‘Vessel’ over gaat?

Verbeelding

Het engelse woord ‘Vessel’ betekent schip, vaartuig, schuit, bloedvat en container. ‘Vessel’ verwijst naar een fysiek object dat iets vervoert. In dit geval het Noorse onderzoekschip waarmee Karhof en Van den Brink in 2008 de Barentszee bevoeren, dat als locatie en kapstok diende voor deze film. Maar ‘Vessel’ is ook een metafoor. Het schip is een ‘container’ voor onze interpretaties, een projectievlak voor onze fantasie. ‘Vessel’ is een uitnodiging aan de verbeelding. Stel je eens voor, dat niet jij naar het schip kijkt, maar het schip naar jou?

Anne Berk 2013


i Liefdesgedicht, uit Een vis zwemt uit zijn taalgebied, Querido, Amsterdam 1976
ii Wagner componeerde De Vliegende Hollander in hetzelfde Bergen in Noorwegen waar Karhof en Van den Brink hun film realiseerden.
iii Kunstenaar Yvonne Dröge Wendel doet een master waarbij ze relational thingness onderzoekt  http://objectresearchlab.ning.com/
iv Latour, Bruno (2005). Reassembling the social. An introduction to Actor-Network theory. Oxford.

Print text 'Vessel : De magie van de dingen'
Back to 'Vessel'